Risico’s op discriminatie identificeren
Doel
De derde bijeenkomst is gericht op het gezamenlijk bespreken van risico’s op discriminatie in het dienstverleningsproces. In deze bijeenkomst komen we gezamenlijk tot risico’s op discriminatie in onze dienstverlening.
Opbouw
In deze bijeenkomst gaan we vooral aan de slag. We presenteren eerst de bevindingen van ons onderzoek aan elkaar. Daarna identificeren we gezamenlijk de risico’s op discriminatie.
Uitkomst
Aan het eind van deze bijeenkomst kunnen we:
- Vaststellen welke risico’s op discriminatie we in ons dienstverleningsproces signaleren.
- Risico’s op discriminatie beschrijven in een beknopte interne rapportage (of notulen).
Checklist vooraf
Startopdracht
We starten gezamenlijk met een korte terugblik. Dit helpt om te begrijpen hoe de resultaten tot stand zijn gekomen en waar de eventuele beperkingen liggen.
Opdracht 1
Terugblik
We bespreken de volgende vragen:
- Hoe verliepen de onderzoeken in de praktijk?
- Zijn er hiaten of opvallende inzichten die we meteen moeten benoemen?
De geschatte tijd voor deze opdracht is 15 minuten.
Presentatie van onderzoeksvragen en bevindingen
In dit deel van de bijeenkomst neemt ieder teamlid of subteam ongeveer tien minuten de tijd om de kernpunten van het eigen deelonderzoek te delen. Het helpt om hierbij kort te schetsen welke onderzoeksvragen we wilden beantwoorden en met welke methoden we aan de slag zijn gegaan (bijvoorbeeld interviews, documentanalyses of dataonderzoek). Zo krijgt de rest van het team een goed beeld van hoe de resultaten tot stand zijn gekomen.
Opdracht 2
Presentaties
In deze opdracht gaan we de bevindingen aan elkaar presenteren. Hieronder staat een mogelijke structuur voor de presentaties. Deze kunnen meegenomen worden als tip of richtlijn, maar er kan zeker ook van afgeweken worden:
- Onderzoeksvragen: Benoem de kernvraag of doelstelling die je hebt onderzocht. Bijvoorbeeld “Hoeveel ruimte bestaat er voor discretionaire bevoegdheden in proces X?” of “Leidt het externe beleidskader tot indirecte discriminatie?”
- Werkwijze: Vertel kort iets over de aanpak. Heb je met collega’s gesproken, klachtenprocedures geanalyseerd, of dossieronderzoek gedaan? Licht ook toe of je nog zaken bent tegengekomen die het onderzoek bemoeilijkten (bijvoorbeeld beperkte data).
- Belangrijkste bevindingen: Dit is het hart van de presentatie. Vertel welke risico’s op discriminatie je hebt gevonden, onderbouwd met voorbeelden of indicaties. Denk aan concrete casussen (“We zien hier dat burgers met een beperking vaker vastlopen in stap drie van onze aanvraagprocedure”) of opvallende cijfers (“Van de 50 besproken dossiers bleken 10 ongewoon vaak te worden doorgestuurd naar een controleafdeling, allemaal van dezelfde etnische groep”).
- Eventuele nuanceringen: Benoem waar je twijfels hebt of waar de data (nog) niet toereikend zijn. Zo kan het team ook meedenken over welke extra informatie nodig is.
- Na ieder presentatie is er tijd om als team vragen te stellen of een korte discussie te voeren over iets dat onduidelijk is of extra aandacht verdient. Dit kan gaan over hoe er tot een conclusie is gekomen, of waarom een bepaalde risicogroep extra kwetsbaar is.
- Het is niet de bedoeling dat hier al een uitgebreide discussie ontstaat over hoe we de risico’s gaan oplossen; het gaat vooral om verheldering en verdieping van de bevindingen.
- Aan het einde van ieder presentatie kunnen de teamleden voor zichzelf in steekwoorden op post-its noteren wat hen bijblijft. Denk bijvoorbeeld aan twee of drie kernpunten die echt uitspringen of waar zorgen over zijn. Deze post-its kunnen straks tijdens de interactieve werksessie helpen om de verschillende lagen en bevindingen in verband brengen.
De geschatte tijd voor deze opdracht 1 tot 1,5 uur.
Verbanden leggen
Na het delen van alle onderzoeksresultaten is het nu tijd om samen de rode draden en verbanden te ontdekken. Dit doen we aan de hand van een interactieve werksessie.
Opdracht 3
Interactieve werksessie
Tijdens de deze opdracht is het belangrijk om ruimte voor discussie te maken en tussendoor regelmatig voorbeelden of praktijkervaringen uit te wisselen. Zo blijft de werksessie dynamisch en krijgt iedereen de kans om eigen inzichten bij te dragen.
Met deze interactieve manier van werken verrijken we elkaars perspectiefinfo en ontstaan vaak verbanden waar we individueel niet direct aan gedacht hadden. De kaart van risico’s en oorzaken die we samen opbouwen, vormt dan ook een stevige basis voor de volgende bijeenkomst: nadenken over hoe we die risico’s kunnen verminderen of wegnemen, en wie daar een rol in moet spelen.
Stap 1. Post-its op het grote vel papier
- We leggen een groot vel papier in het midden van de ruimte. De post-its die tijdens de presentaties zijn gemaakt plakken we erop, zonder ze al te ordenen. Als hierbij nog geen post-its staan met alle gevonden risico’s, dan schrijven we deze op en plakken deze erbij.
- We nemen een paar minuten om elkaars bijdragen te lezen. Zo krijgen we een overzicht van alles wat uit de verschillende deelonderzoeken naar voren is gekomen. In elk van de volgende stappen is het mogelijk dat er nieuwe inzichten komen. Vul het vel papier op elk gewenst moment in de volgende stappen aan.
Stap 2. Groeperen en overeenkomsten zoeken
- We lopen als groep door de post-its heen en zoeken overeenkomsten tussen de verschillende notities. We clusteren de thema’s die logisch bij elkaar horen. Zo kunnen we bijvoorbeeld een groep maken van risico’s die vooral te maken hebben met onduidelijke richtlijnen, of risico’s die draaien om discretionaire bevoegdheden. Door deze subthema’s te vormen, wordt zichtbaar welke problemen op meerdere plekken terugkomen of elkaar versterken.
Stap 3. Oorzaak-gevolgrelaties leggen
- Zodra we de verschillende risico’s hebben gegroepeerd, is het goed om te onderzoeken of er duidelijke oorzaken en gevolgen zijn die op elkaar aansluiten. Soms leidt een vaag geformuleerde beleidstekst tot onzekerheid in de uitvoering, waardoor medewerkers meer ruimte krijgen voor een eigen interpretatie – iets wat kan uitmonden in indirecte discriminatie.
- Let daarbij op situaties waarin in de praktijk wordt afgeweken van wat op papier staat. We proberen met elkaar te achterhalen waarom dat gebeurt.
- Ligt het aan onduidelijke regels, tijdsdruk, persoonlijke inschattingen of iets anders? Het begrijpen van deze oorzaken helpt om beter te zien waar risico’s op ongelijke behandeling ontstaan én waar verbeterkansen liggen.
- We kunnen pijlen of lijnen gebruiken om op het vel aan te geven welke risico’s mogelijk oorzaken of gevolgen van elkaar zijn.
Stap 4. Toetsen op verschillen en overeenkomsten
- We bekijken vervolgens of er verschillen of overeenkomsten zitten in de manier waarop groepen burgers geraakt worden door de benoemde risico’s. Als bepaalde maatregelen in de praktijk vooral lastig zijn voor mensen met een beperking, dan kan dat duiden op indirecte discriminatie.
- Door samen concrete voorbeelden of casuïstiek uit de onderzoekspresentaties aan te dragen, brengen we in kaart wie het meeste last heeft van een risico en waarom dat zo is.
Stap 5. Urgentie en haalbaarheid bespreken
- Nu we een overzicht hebben van de verschillende risico’s en hun onderlinge verbanden, is het tijd om met elkaar te beoordelen welke risico’s als meest urgent of impactvol worden gezien. Daarbij gaat het niet alleen om urgentie of verwachte impact, maar ook om haalbaarheid en invloed: wat kunnen we op korte termijn daadwerkelijk veranderen, en waar is meer structureel beleid of samenwerking voor nodig? Soms kunnen relatief kleine aanpassingen – zoals een verduidelijking van selectiecriteria of een wijziging in een werkproces – al veel effect te hebben. Andere risico’s vragen om meer onderzoek, structurele verandering of bestuurlijke besluitvorming.
- We maken een overzicht van de risico’s die we gevonden hebben, met aandacht voor prioritering: welke risico’s pakken we eerst aan, welke volgen later, en welke vragen verdere afstemming of onderzoek. Dit overzicht vormt de basis voor een concreet actieplan.
Stap 6. Resultaten vastleggen
Tijdens de werksessie ontstaan er vaak interessante inzichten die we later willen teruglezen en delen met anderen. Daarom stellen we een concreet verslag op waarin de gevonden risico’s op discriminatie duidelijk zijn beschreven. Zo kan het team, of iemand die niet aanwezig was, later precies zien hoe we tot bepaalde conclusies zijn gekomen. Dit verslag kan, indien relevant, ter accordering worden voorgelegd aan het Management Team (MT).
De geschatte tijd voor deze opdracht is 1,5 uur.
Checklist ter afsluiting
Bronnen
-
De stappen in deze opdracht zijn een leidraad, hiervan kan afgeweken worden en op een andere manier uitgevoerd worden.